Eerste zuil van Imaan: Het geloven in Allah Deel 2 Bewijzen voor het bestaan van Allah

Print Friendly
De mensheid, in het algemeen, handhaafde geloof in het bestaan ​​van de Schepper van het universum van oudsher. Allah heeft mede daarom de boodschappers gestuurd en de boeken nedergezonden, met als doel de dienaren te begeleiden naar hetgeen Hem behaagt en wat Hij liefheeft. Dit houdt in dat de dienaren in Hem geloven, Zijn methodiek bewandelen en de aanbidding voor hem verwezenlijken. Zoals Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt:

قَالَتْ رُسُلُهُمْ أَفِي اللَّهِ شَكٌّ فَاطِرِ السَّمَاوَاتِ وَالأرْضِ

“Hun Boodschappers zeiden: “Is er twijfel over Allah, de Schepper van de hemel en de aarde?” (Ibrahiem:10)

Het bewijs kan men vinden met behulp van de volgende zaken:  

De Ratio

Hebben alle bestaande wezens zichzelf geschapen of zijn ze door blinde toeval zijn ontstaan? Als er wordt gezegd dat zij uit zichzelf zijn ontstaan. Dan zeggen wij dat dit tegen de ratio in gaat. Want voor hun bestaan waren zij niets dus hoe kan niets ineens iets worden. Als er daarentegen wordt gezegd dat zij door blinde toeval zijn ontstaan, dan zeggen wij hierover ook dat dit in strijd is met de ratio. Want als je naar alle zaken om je heen kijkt zoals vliegtuigen, raketten, auto’s en diverse apparaten, kan men hierover zeggen dat dit alles per toeval is ontstaan? Iedereen zal dan moeten bekennen dat dit niet mogelijk is. Zo is het ook met de bergen, vogels, zon, maan, sterren, bomen, woestijnen, zeeën enz. Het kan nooit zo zijn dat dit allemaal per toeval is ontstaan.

Eens was Aboe Haniefah in debat met een verzameling atheïsten uit India over het bestaan van Allah. Aboe Haniefah zei toen: “Ik denk aan een schip, volgeladen met goederen dat onbemand over de zee vaart en aankomt op de plaats van bestemming. Waarna de goederen vanzelf afgelost worden, zonder tussenkomst van havenwerkers.” Zij vroegen toen: “Denk jij hier werkelijk aan?” Hij antwoordde: “Ja!” Zij zeiden toen: “Dan ben jij je verstand kwijt. Want het bestaat niet dat een schip vanzelf vaart, aankomt en aflost. Dit is absoluut onmogelijk.” Hij zei toen: “Hoe kunnen jullie dit wel vreemd vinden, terwijl jullie zonder enige moeite durven te beweren dat deze hemelen, zon, maan, sterren, bergen, bomen, dieren en mensen allemaal geen Schepper hebben?” Toen wisten zij dat de man hun verstand had aangesproken en zij stonden versteld van zijn antwoord.
Er werd tegen een bedoeïen gezegd: “Hoe weet je zeker dat jouw Heer bestaat?” Hij antwoordde: “De voetsporen in het zand duiden op een voetganger die voorbij is gekomen en uitwerpselen duiden op kamelen die voorbij zijn getrokken. Dus, een hemel vol met sterren, een aarde rijk aan wegen en een zee rijk aan golven, duidt dit allemaal niet op de Alhorende, de Alziende?”


In het kader hiervan zegt Allah (Geprezen en Verheven zij Hij):


 أَمْ خُلِقُوا مِنْ غَيْرِ شَيْءٍ أَمْ هُمُ الْخَالِقُونَ

“Zijn zij door niets geschapen of zijn zij (hun eigen) schepper? (Al-Thur:35)  


Nadat de noodzakelijkheid van het bestaan ​​van een Schepper erkend te hebben, realiseert men zich dan dat er maar een Schepper kan zijn. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt:

لَوْ كَانَ فِيهِمَا آلِهَةٌ إِلا اللَّهُ لَفَسَدَتَا فَسُبْحَانَ اللَّهِ رَبِّ الْعَرْشِ عَمَّا يَصِفُونَ

“Als er andere goden dan Allah in zouden zijn, dan zou zij (de hemelen en de aarde) zeker vergaan: maar Heilig is Allah, Heer van de Troon, boven wat zij Hem toeschrijven!” (Al-Anmbijaa:22)

مَا اتَّخَذَ اللَّهُ مِنْ وَلَدٍ وَمَا كَانَ مَعَهُ مِنْ إِلَهٍ إِذًا لَذَهَبَ كُلُّ إِلَهٍ بِمَا خَلَقَ وَلَعَلا بَعْضُهُمْ عَلَى بَعْضٍ سُبْحَانَ اللَّهِ عَمَّا يَصِفُونَ

“Allah heeft zich geen kind genomen en er is geen god naast Hem! Dan zou iedere god weggaan met wat hij schiep en zouden zij elkaar overweldigen. Heilig is Allah boven wat zij (Hem) toeschrijven.” (Al-Mominun:91)

أَفَمَنْ يَخْلُقُ كَمَنْ لا يَخْلُقُ أَفَلا تَذَكَّرُونَ 

“Is Degene Die schept dan gelijk aan degene die niet schept? Zullen jullie je niet laten vermanen?” (An-Nahl:17)

 Gewaarwording

De mens roept zijn Heer aan zeggende: “O Heer!” om Hem vervolgens iets te vragen, waarna zijn smeekbede wordt verhoord. Dit zien wij veelvuldig om ons heen gebeuren en ook kennen wij vele verhalen van de mensen die ons zijn voorgegaan waarvan de smeekbeden zijn verhoord. We zijn getuige van en beleven het beantwoording van gebeden, en dit op zichzelf wijst op het bestaan ​​van Allah (Geprezen en Verheven zij Hij), Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt: 

إِذْ تَسْتَغِيثُونَ رَبَّكُمْ فَاسْتَجَابَ لَكُمْ

“Toen jullie je Heer (bij de Slag bij Badr) om hulp vroegen en Hij jullie verhoorde” (Al-Anfaal:8)

Eens kwam er een bedoeïen de moskee binnen terwijl de Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) de vrijdagstoepspraak aan het houden was en zei: “Al ons bezit is vernietigd en er is geen uitweg meer, vraagt Allah om ons te hulp te schieten?”  Anas zei: “Bij Allah, op dat moment zag je geen pluimpje wolk aan lucht… Maar direct na de smeekbede van de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) verscheen uit het niets een wolk, deze verspreidde zich vervolgens, daarna begon het te donderen, te bliksemen en te regenen. En op het moment dat de Boodschapper (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) van de minbar afkwam was zijn baard doordrenkt met regen.” [Al-bukhari en Moeslim]


Natuurlijke Aanleg (Fitra)



Veel mensen, waarvan de natuurlijke aanleg niet verpest is, geloven in het bestaan van Allah (Geprezen en Verheven zij Hij). Zelfs de mensen die beweren niet te geloven in Allah (Geprezen en Verheven zij Hij), op het moment dat zij Allah het meest nodig hebben, bijvoorbeeld in een gevaarlijke situatie of wanneer alles lijkt tegen te zitten, dan heffen zij hun handen in de lucht, Allah aanroepend. Daarom geeft Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) een soortgelijk voorbeeld in de Koran:

فَإِذَا رَكِبُوا فِي الْفُلْكِ دَعَوُا اللَّهَ مُخْلِصِينَ لَهُ الدِّينَ فَلَمَّا نَجَّاهُمْ إِلَى الْبَرِّ إِذَا هُمْ يُشْرِكُونَ



“En wanneer zij aan boord van een schip gaan, roepen zij Allah aan, oprecht zijnde in gehoorzaamheid aan Hem. Maar wanneer Hij hen veilig aan wal brengt, zie, zij schrijven deelgenoten aan Hem toe.” (Al-Ankabut:65)



Maar de mensheid heeft de neiging om in de loop van zijn dagelijks leven van comfort en plezier zijn Heer te vergeten. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt: 

وَإِذَا مَسَّ الإنْسَانَ ضُرٌّ دَعَا رَبَّهُ مُنِيبًا إِلَيْهِ ثُمَّ إِذَا خَوَّلَهُ نِعْمَةً مِنْهُ نَسِيَ مَا كَانَ يَدْعُو إِلَيْهِ مِنْ قَبْلُ وَجَعَلَ لِلَّهِ أَنْدَادًا

“Wanneer een mens wordt benadeeld, roept hij zijn Heer aan, zich tot Hem wendend. Dan, wanneer Hij hem een gunst bewijst van Zichzelf, vergeet de mens waarvoor hij eerst (God) aanriep en stelt medegoden naast Allah” (Al-Zomar:8)


Het is om deze “Fitrahopwekken en te waarschuwen dat Allah, in Zijn genade en wijsheid, Boodschappers heeft gezonden om mensen van hun ware geloof te laten herinneren, en ze te richten op nakomen van hun opdracht in het dienen van hun Heer. Allah heeft zijn profeet bevolen om te verkondigen, Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt: 


قُلْ يَا أَيُّهَا النَّاسُ إِنْ كُنْتُمْ فِي شَكٍّ مِنْ دِينِي فَلا أَعْبُدُ الَّذِينَ تَعْبُدُونَ مِنْ دُونِ اللَّهِ وَلَكِنْ أَعْبُدُ اللَّهَ الَّذِي يَتَوَفَّاكُمْ

“Zeg: “O mensen, als jullie twijfelen aan mijn godsdienst: ik aanbid niet wat jullie naast Allah aanbidden, maar ik aanbid Allah die jullie wegneemt.” (Yunus:104)

De bijzondere vermelding van de dood hier drijft de grimmige realiteit, zelfs de heidenen moeten toegeven dat wanneer zij geconfronteerd worden met de schrijnende, intuïtieve bewijs, dat Allah alleen veroorzaakt de dood. De rationele individu, vervolgens dient voor te bereiden op deze onontkoombaarheid en te reageren op boodschap van zijn Heer. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt: 

فَأَقِمْ وَجْهَكَ لِلدِّينِ حَنِيفًا فِطْرَةَ اللَّهِ الَّتِي فَطَرَ النَّاسَ عَلَيْهَا لا تَبْدِيلَ لِخَلْقِ اللَّهِ ذَلِكَ الدِّينُ الْقَيِّمُ وَلَكِنَّ أَكْثَرَ النَّاسِ لا يَعْلَمُونَ

 

“Daarom, richt uw aangezicht oprecht tot de (ware) godsdienst, overeenkomstig de natuur naar welke Allah de mensen heeft geschapen. – De schepping van Allah kent geen verandering. – Dat is het ware geloof. Maar de meeste mensen weten het niet. -“ (Al-Rum:30)


Er zijn anderen die zich hardnekkig verzetten tegen deze waarheid en weigeren de boodschap van Allah wanneer het vóór hen wordt gepresenteerd, al zijn ze goed bewust van de geloofwaardigheid ervan. Dit was de houding van de farao en zijn aanhangers. De consequenties daarvan zijn ernstig, in deze wereld en in het Hiernamaals, Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt: 

وَجَحَدُوا بِهَا وَاسْتَيْقَنَتْهَا أَنْفُسُهُمْ ظُلْمًا وَعُلُوًّا فَانْظُرْ كَيْفَ كَانَ عَاقِبَةُ الْمُفْسِدِينَ

“En zij verwierpen deze onrechtvaardig en aanmatigend terwijl hun zielen er van overtuigd waren. Ziet, hoe kwaad het einde was van de onruststokers.” (Al-Naml:14)

Toch kan zelfs geharde ontkenners, die in de weg ​​van de waarheid staan en zijn bestand tegen, kunnen rechte pad vinden op het laatste moment, voordat het te laat is, want de Fitrahopduiken, en zo kan zelfs een ongelovige die met de dood wordt geconfronteerd op het slagveld kan plotseling de islam omarmen.

 Het Geloof

Het feit dat alle profeten zijn gekomen met regels en wetten die de schepping ten bate komen duidt op bestaan van een Alwetende, Allerwijze en Genadevolle Heer. En in het bijzonder de Koran en zijn wetten. Allah daagt zijn schepselen uit om te komen met het gelijke ervan. Alle boodschappers en profeten die naar verschillende volkeren zijn gestuurd, in verschillende tijden leefden en verschillende talen spraken hebben allen gesproken over één en hetzelfde, namelijk het bestaan van Allah, het aanbidden van Hem alleen, de Hel, het Paradijs enz.


Tot slot moeten we rekening mee houden dat hoe overvloedig de bewijzen ook zijn, ze hebben uitsluitend baat aan degenen die eerlijk en oprecht zoeken naar de waarheid. Wat betreft degenen die gewoon weigeren te geloven, zij zullen niet ophouden hun inactief dispuut. Zoals Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt:

 وَقَالُوا قُلُوبُنَا فِي أَكِنَّةٍ مِمَّا تَدْعُونَا إِلَيْهِ وَفِي آذَانِنَا وَقْرٌ وَمِنْ بَيْنِنَا وَبَيْنِكَ حِجَابٌ فَاعْمَلْ إِنَّنَا عَامِلُونَ

“Zij zeggen: “Onze harten zijn gesluierd voor datgene waartoe u ons roept en er is doofheid in onze oren en tussen u en ons is een scherm. Daarom ga door met uw werk, wij werken ook.”” (Fussilat:5)


إِنَّ الَّذِينَ حَقَّتْ عَلَيْهِمْ كَلِمَةُ رَبِّكَ لا يُؤْمِنُونَ * وَلَوْ جَاءَتْهُمْ كُلُّ آيَةٍ حَتَّى يَرَوُا الْعَذَابَ الألِيمَ  

“Voorwaar, degenen over wie het Woord (van bestraffing) van jouw Heer terecht is: zij geloven niet. * Ook al kwamen alle Tekenen tot hen, totdat zij de pijnlijke bestraffing zien.” (Yunus:96-97)


Gebaseerd op artikel van IslamWeb