Category Archives: Geloofsleer

Derde zuil van Imaan: Het geloven in Zijn Boeken

Koetoeb (boeken) is het meervoud van Kitab (boek). Het zijn Koetoeb omdat zij geschreven zijn (maktoob). Met Boeken wordt hier bedoeld, de Boeken die Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) naar Zijn Boodschappers heeft gezonden, als een genade en leiding voor de mensheid. Deze Boeken zijn bestemd om de mensheid te leiden naar datgene wat vreugde brengt in dit leven en het Hiernamaals.

Er zijn vier aspecten van het geloof in de Boeken:
  • Geloven dat zij waarlijk door Allah (Geprezen en Verheven is Hij) zijn nedergezonden. 
  • Geloven in de Boeken waarover de mensheid is geïnformeerd, zoals de Koran, die naar Mohammed nedergezonden is, de Thora die naar Mozes is nedergezonden, de Indjiel (evangeliën) die is nedergezonden naar Jezus en de Zabor (Psalmen) die is nedergezonden naar David, vrede zij met hen allen. We geloven ook in de andere boeken die door Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zijn nedergezonden, ook al kennen wij hun namen niet.
  • Geloven in alles wat de Boeken bevatten, zoals alles wat de Koran bevat en gedeeltes van voorgaande Boeken die niet vervalst zijn.
  • De geboden naleven die in de Boeken staan, tenzij Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) het tegengestelde door Naskh (abrogatie) heeft bevolen. We dienen alles te accepteren wat deze Boeken aan Geboden bevatten, ook al weten wij niet wat voor wijsheid erachter ligt. Alle voorgaande boeken zijn overstemd door de Koran. 
Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt:

وَأَنْزَلْنَا إِلَيْكَ الْكِتَابَ بِالْحَقِّ مُصَدِّقًا لِمَا بَيْنَ يَدَيْهِ مِنَ الْكِتَابِ وَمُهَيْمِنًا عَلَيْهِ

“En Wij hebben aan jou het Boek (de Koran) met de Waarheid nedergezonden, ter bevestiging van de Schrift die eraan vooraf ging en ter bescherming.” [Al-Maida:48]

Dit betekent dat de Koran heerst over alle andere Boeken. Daarom mag geen enkel Gebod die in andere Boeken dan de Koran staan nageleefd worden, tenzij het in overeenstemming is met de Koran.
 

Belang van het geloof in de Boeken: 

  • Weten dat Allah (Geprezen en Verheven is Hij) zorgt voor Zijn dienaren door hun Boeken neer te zenden om hen te leiden.
  • Allah’s Wijsheid kennen in alles wat Hij Beveelt. Hij heeft elk volk bevolen wat bij hen past:
لِكُلٍّ جَعَلْنَا مِنْكُمْ شِرْعَةً وَمِنْهَاجًا  

“Voor een ieder onder jullie hebben Wij een Wet en een manier van leven bepaald.” [Al-Maida:48]  

  • Allah danken voor Zijn gunsten, omdat Hij (Geprezen en Verheven zij Hij) deze Boeken heeft neergezonden om de mensheid te leiden.
Wij moeten dus in het geheel in elk Boek dat Allah op Zijn Boodschappers heeft nedergezonden geloven en ook moeten wij geloven dat het de waarheid is. Maar wat betreft details hebben de voorgaande Boeken vervalsingen en wijzigingen opgelopen, waardoor men hieruit geen onderscheid kan maken tussen waarheid en valsheid. Wij geloven in de Boeken in hun geheel, die Allah nedergezonden heeft, maar wat betreft de details wij vrezen dat deze vervalst en gewijzigd zijn.

Belang van het geloof in Engelen

Belang van het geloof in de Engelen:

  1.  Allah’s Macht, Sterkte en Kracht leren kennen. De gehele kracht van de schepping is een teken van de Kracht van de Schepper.
  2. Allah dank betuigen omdat Hij (Geprezen en Verheven zij Hij) zorgt voor de mensheid. Hij heeft engelen aangesteld om ze te beschermen, hun daden te noteren en andere belangrijke taken te vervullen.
  3. Houden van de engelen omdat zij waarachtige aanbidders zijn van Allah (Geprezen en Verheven zij Hij). 
  4. Sommige afgedwaalde mensen verwerpen het bestaan van de engelen in een lichamelijke gedaante. Zij beweren dat de engelen de potentie vormen voor het goede dat de schepping bezit. Dit is een directe afwijzing van het Boek van Allah, de Soennah van Zijn Boodschapper en de Idjmaa’ (consensus, eenheid van opvattingen) van de moslims. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt:
الْحَمْدُ لِلَّهِ فَاطِرِ السَّمَاوَاتِ وَالأرْضِ جَاعِلِ الْمَلائِكَةِ رُسُلا أُولِي أَجْنِحَةٍ مَثْنَى وَثُلاثَ وَرُبَاعَ يَزِيدُ فِي الْخَلْقِ مَا يَشَاءُ إِنَّ اللَّهَ عَلَى كُلِّ شَيْءٍ قَدِيرٌ  
“Alle lof komt Allah toe, de Schepper der hemelen en der aarde, Die de engelen tot boodschappers maakt met twee, drie en vier vleugelen. En Hij voegt aan de schepping toe wat Hij wil; want Allah heeft macht over alle dingen.” [Faatir:1]
وَلَوْ تَرَى إِذْ يَتَوَفَّى الَّذِينَ كَفَرُوا الْمَلائِكَةُ يَضْرِبُونَ وُجُوهَهُمْ وَأَدْبَارَهُمْ وَذُوقُوا عَذَابَ الْحَرِيقِ

“En als jij (het) zou kunnen zien, wanneer de Engelen (de zielen van) degenen die ongelovig zijn wegnemen, (en hoe) zij hun gezichten en hun ruggen slaan (en zeggen:) “Proeft de bestraffing van het branden!” (Dan zie je zeker een geweldige zaak.)” [Al-Anfaal:50]
وَلَوْ تَرَى إِذِ الظَّالِمُونَ فِي غَمَرَاتِ الْمَوْتِ وَالْمَلائِكَةُ بَاسِطُو أَيْدِيهِمْ أَخْرِجُوا أَنْفُسَكُمُ

“En als jij zou kunnen zien hoe (het gaat met) de onrechtvaardigen in doodsstrijd en hoe de Engelen hun handen naar hen uitstrekken (terwijl zij zeggen): ‘Geeft jullie zielen op!'” [Al-Anaam:93]
وَلا تَنْفَعُ الشَّفَاعَةُ عِنْدَهُ إِلا لِمَنْ أَذِنَ لَهُ حَتَّى إِذَا فُزِّعَ عَنْ قُلُوبِهِمْ قَالُوا مَاذَا قَالَ رَبُّكُمْ قَالُوا الْحَقَّ وَهُوَ الْعَلِيُّ الْكَبِيرُ
“Geen voorspraak geldt bij Hem, behalve voor degenen aan wie Hij het toestaat, tot zij, wanneer de vrees van hun hart wordt weggenomen, zeggen: ‘Wat zei uw Heer?’ Zij zullen antwoorden: ‘De Waarheid.’ En Hij is de Hoogverhevene, de Grote.” [Saba:23]
وَالْمَلائِكَةُ يَدْخُلُونَ عَلَيْهِمْ مِنْ كُلِّ بَابٍ * سَلامٌ عَلَيْكُمْ بِمَا صَبَرْتُمْ فَنِعْمَ عُقْبَى الدَّارِ 

“En de Engelen treden bij hen binnen door iedere poort. * (Zeggend:) “Salamoen alaikoem bima shabartoem.” (Vrede zij met jullie wegens jullie geduldig zijn) Het is de beste eindbestemming.” [Al-Rad:23-24]
De Boodschapper (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) van Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) heeft gezegd: “Wanneer Allah (Geprezen en Verheven is Hij) van een dienaar houdt, roept Hij (Djiebriel) en zegt: “Allah houdt van die en die (persoon), houdt daarom van hem. Dan zal Djiebriel van hem houden. Daarna roept Djiebriel de bewoners van de hemel en zegt: “Allah houdt van die en die, houdt daarom van hem.” Dan zullen de bewoners van de hemel van hem houden. Daarna zal hem acceptatie (onder de gemeenschap van de gelovigen) verleent worden op aarde.” [Al-Bukhaari].

De Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) zegt: “Wanneer de dag van Vrijdag aanbreekt, staan er engelen bij elke poort van de Masdjid (moskee). Zij noteren de eerste dan de volgende (persoon die naar de Masdjid komt). Wanneer de Imam zit (wachtende totdat het gebedsoproep is geëindigd zodat hij de toespraak kan beginnen), sluiten zij de boeken en komen dan luisteren naar de Dhikr (de gedachtenis aan Allah (Geprezen en Verheven is Hij) die het vrijdagstoespraak bevat).”

De bovenstaande overleveringen zijn duidelijk in hun betekenis dat de engelen lichamelijke gedaantes bezitten en niet een toestand van de geest zijn, zoals de afgedwaalden beweren. De ware betekenis van deze teksten, die verklaren dat de engelen in een lichamelijke gedaante bestaan.

Tweede zuil van Imaan: Het geloven in Zijn Engelen

Engelen zijn van de ongeziene wereld. Zij zijn door Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) geschapen en zij aanbidden Hem. Zij bezitten geen eigenschappen die van hen goden of heren maakt. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) heeft hen van licht geschapen, en Hij heeft hun de gunst geschonken om Hem op elk moment te gehoorzamen. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) heeft ze de macht gegeven om Zijn bevelen te dragen en na te komen.

وَلَهُ مَنْ فِي السَّمَاوَاتِ وَالأرْضِ وَمَنْ عِنْدَهُ لا يَسْتَكْبِرُونَ عَنْ عِبَادَتِهِ وَلا يَسْتَحْسِرُونَ * يُسَبِّحُونَ اللَّيْلَ وَالنَّهَارَ لا يَفْتُرُونَ


“Aan Hem behoort wat in de hemelen en op de aarde is. En degenen die niet Hem zijn (de Engelen), zijn niet te hoogmoedig om Hem te dienen en zij worden er niet moe van. Zij prijzen Zijn Glorie tijdens de nacht en de dag en versagen niet.” [Al-Anmbijaa:19-20]

Zij zijn zo talrijk dat alleen Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) hun aantallen kent. Al-Bukhaarie en Muslim hebben overgeleverd dat Anas (moge Allah tevreden met hem zijn) heeft gezegd, terwijl hij het verhaal van de Hemelvaart van de Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) vertelde, dat Al-Bait al-Ma’moor (Het Huis in de hemel dat altijd bewoond is, bedoeld voor de bewoners van de hemel, net zoals de Ka’bah voor de bewoners van de aarde) werd verheven voor de Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) in de hemel zodat hij deze kon aanschouwen. Elke dag bidden er 70.000 engelen in dit Huis, en als ze daar klaar mee zijn komen zij er nooit in terug (dit toont ons hoe talrijk de engelen zijn).

Geloof in de Engelen bestaat uit vier onderdelen: 
  1. Geloven in hun bestaan. 
  2. Geloven in hetgeen ons verteld is over hun namen, zoals (Djiebriel), en ook geloven in andere engelen over wie we niet geïnformeerd zijn betreffende hun namen. 
  3. Geloven in hetgeen ons verteld is over hun eigenschappen. Een voorbeeld hiervan is de beschrijving van (Djiebriel). De Profeet vrede zij met hem heeft ons verteld dat hij (Djiebriel) heeft gezien in de gedaante waarin Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) hem heeft geschapen. Hij had zeshonderd vleugels en groter dan de horizon. De engelen kunnen van gedaante veranderen op het bevel van Allah (Geprezen en Verheven zij Hij). Zij kunnen de gedaante van een man aannemen. Allah (Geprezen en Verheven is Hij) zond Djiebriel naar Mariam en hij kwam naar haar toe in de gedaante van een man. Hij werd ook naar de Profeet Mohammed (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) gezonden, terwijl hij met zijn metgezellen zat, in de gedaante van een man die hele witte kleding droeg en pek zwart haar had. Hij was een vreemdeling voor de metgezellen, alhoewel er geen enkel spoor aan hem te zien was dat hij gereisd had. Hij zat naast de Profeet en plaatste zijn knieën tegen die van de Profeet vrede zij met hem, en plaatste zijn handen op de dijen van de Profeet. Hij ondervroeg de Profeet over Islam, Imaan, Ih’saan (uitmuntendheid in het geloof) en het Laatste Uur en zijn tekenen. De Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) antwoordde hem. Daarna verliet Djiebriel hem. De Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) zei tegen zijn metgezellen:”Dit was Djiebriel, hij is gekomen om jullie in jullie religie te onderwijzen.” [Muslim]. Ook heeft Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) engelen naar Ibrahiem en Lut (vrede zij met hen) in de gedaante van een man gezonden.
  4. Geloven in de taken die zij uitvoeren op Allah’s bevel. Zij prijzen Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) en aanbidden Hem op elk moment zonder enige verveling of vermoeidheid. Sommige engelen hebben speciale taken die ze moeten volbrengen: Djiebriel is de eervolle engel die Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) neer zendt met openbaring aan de Profeten en Boodschappers. Miekaa-eel is de engel die toezicht houdt op regen en vegetatie, op Allah’s bevel. Israafiel is de engel die op de Hoorn moet blazen wanneer het Uur (de Laatste Dag) is aangebroken, en de doden verrezen moeten worden. Maalik is de bewaker en toezichthouder van de Hel. De engel des doods neemt de zielen in tijdens de dood. Er zijn engelen die toezicht houden op foetussen in de baarmoeder. Wanneer een foetus vier maanden oud is, zendt Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) een engel neer en beveelt hem de voeding, maximale leeftijd, daden van de foetus te noteren en of het ellendig (naar de Hel voorbestemd) ofgelukkig (naar het Paradijs voorbestemd) zal zijn. Er zijn engelen die de daden van de mensen registreren. Zij hebben een registratie van de daden van iedereen. Er zijn twee engelen voor elk persoon, de een aan de rechterkant en de ander aan de linkerkant. Er zijn weer andere engelen die de doden ondervragen wanneer zij zich in hun graven bevinden. Twee engelen komen naar alle dode personen en vragen elk van hen over de Heer die zij aanbaden, de religie die zij volgden en deBoodschapper die zij gehoorzaamden.

Belang van het Geloof in Allah

Geloven in Allah leidt tot vele effecten voor de gelovigen, onder andere:

  1. Om zich bewust te worden van de Tawhied van Allah (Geprezen en Verheven is Hij), door alleen van Hem afhankelijk te zijn en je hoop op Hem te vestigen, en alleen Hem te vrezen en te aanbidden.
  2. Om de liefde en verering van Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) te perfectioneren en met betrekking tot Zijn Macht zoals beschreven door Zijn Meest prachtige namen en Meest hoge eigenschappen.
  3. Door waarachtig te zijn in de aanbidding van Allah (Geprezen en Verheven is Hij) door zich te houden aan Zijn geboden en Zijn verboden na te laten.

Tawhied… de essentie van Islam

Tawhied (monotheïsme) is de grootste basis van het Islamitische geloof. In feite wordt een persoon beschouwd als moslim als hij/zij aanvaardt dat er geen god is god dan Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) en dat Mohammed (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) Zijn dienaar en Zijn boodschapper is aan de mensheid. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt in de Koran: 

اللَّهُ لا إِلَهَ إِلا هُوَ الْحَيُّ الْقَيُّومُ لا تَأْخُذُهُ سِنَةٌ وَلا نَوْمٌ لَهُ مَا فِي السَّمَاوَاتِ وَمَا فِي الأرْضِ مَنْ ذَا الَّذِي يَشْفَعُ عِنْدَهُ إِلا بِإِذْنِهِ يَعْلَمُ مَا بَيْنَ أَيْدِيهِمْ وَمَا خَلْفَهُمْ وَلا يُحِيطُونَ بِشَيْءٍ مِنْ عِلْمِهِ إِلا بِمَا شَاءَ وَسِعَ كُرْسِيُّهُ السَّمَاوَاتِ وَالأرْضَ وَلا يَئُودُهُ حِفْظُهُمَا وَهُوَ الْعَلِيُّ الْعَظِيمُ


“Allah, er is geen god dan Hij, de Levende, de Zelfstandige, sluimer noch slaap kan Hem treffen, aan Hem behoort toe wat er in de hemelen en wat er op de aarde is. Wie is degene die van voorspraak is bij Hem zonder Zijn verlof? Hij kent wat er voor hen is en wat er achter hen is. En zij kunnen niets van Zijn Kennis omvatten, behalve wat Hij wil. En Zijn Zetel strekt zich uit over de Hemelen en de Aarde en het waken over beide vermoeit Hem niet. En Hij is de Verhevene, de Almachtige.” (Al-Baqarah:255)

Allah beschrijft Zichzelf (in deze prachtige vers) als De Enige-Meest krachtige, Altijd-Levende Heer van ons. Daarom vormt Tawhied het fundament van Islam en dat Allah is de schepper van het heelal met alles wat er in zit. Wat wij afleiden uit de werking van het universum en benoemen ‘natuurwetten‘ zijn in feite de Allah’s manier van creëren, van gebeurtenissen en beheren van het universum.

Volgens de Islam, alle religies geopenbaard aan de profeten (vrede zij met hen allen) hebben dezelfde essentie en de kennis van Tawhied en de eenheid van Allah, maar met de tijd, werd de boodschap verkeerd begrepen, gemengd met bijgeloof en gedegenereerd tot magische praktijken en enkele rituelen. Dat was dezelfde boodschap waarmee Aadam werd de aarde neergezonden, dezelfde kennis die Allah openbaarde aan Noeh (Noah), Ibrahim (Abraham), Moesa (Mozes) en ‘Isa (Jezus), (vrede zij met hen allen), en de laatste Profeet gezonden naar alle mensheid, Mohammed (Allah’s gebeden en vrede zij met hem).

De islam verwerpt het karakteriseren van Allah in elke menselijke vorm of afbeelding van Hem als begunstiging van bepaalde individuen of naties op basis van rijkdom, macht, of ras. Echter, onze menselijke verstand is vaak op zoek naar het begrijpen van het concept van Allah in een materialistische manier, hoewel we niet in staat zijn om dit concept volledig te begrijpen. Wanneer de metgezellen profeet Mohammed (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) vroegen over Allah,  openbaarde Allah het Surah Ikhlaas die als het motto van Tawhied beschouwd wordt, waarin Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt: 
قُلْ هُوَ اللَّهُ أَحَدٌ * اللَّهُ الصَّمَدُ * لَمْ يَلِدْ وَلَمْ يُولَدْ * وَلَمْ يَكُنْ لَهُ كُفُوًا أَحَدٌ

“Zeg Hij is Allah, Hij is Ahad (Een) * Hij is niet afhankelijk van iets en alles is van hem afhankelijk * Hij heeft niet verwekt en noch is Hij verwekt * En er is en zal geen gelijke zijn aan hem tot in de eeuwigheid” (Al-Ichlaas)

De Schepper moet van andere aard zijn dan geschapen, want als Hij is van dezelfde aard als ze zijn,  zal Hij tijdelijk zijn en zal daarom een maker nodig hebben. Als de maker niet tijdelijk is, moet hij eeuwig zijn. Maar indien Hij eeuwig is, Hij kan niet worden veroorzaakt. Indien er niets los van Hem doet hem blijven bestaan, moet Hij dan zelfvoorzienend en zelf-onderhoudend zijn. Als Hij niet afhankelijk is van iets voor de continuïteit van zijn bestaan​​, kan Zijn bestaan ​​geen einde hebbenDe Schepper is dan ook Eeuwig en de Onafhankelijk. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt:

هُوَ الأوَّلُ وَالآخِرُ

“Hij is de Eerste en de Laatste” (Al-Hadied:3)

Vanzelfsprekend is dat Allah deze wereld niet doelloos en voor niets heeft geschapen. Nutteloosheid is immers een eigenschap die niet past bij de dienaren, wat dan te denken van de Alwijze Heer. Hij is de Starter, Hij behoudt alles, neemt ze uit het bestaan en is de uiteindelijke oorzaak van wat met hen gebeurt. In de islam is Allah bekend door Zijn Namen en Eigenschappen en de manifestatie daarvan in het universum. 

Een ander aspect van Tawhied in de islam is dat het eigen vermogen en de eenheid van alle mensen hun relatie met Allah impliceert. Zo werden mensen uit verschillende sociale lagen niet gecreëerd door verschillende goden met verschillende niveaus van de macht, zo worden barrières tussen de lagen gecreëerd en dit is in strijd Tawhied. In plaats daarvan, Tawheid stelt dat Allah iedereen geschapen heeft, en dus alle mensen hebben dezelfde fundamentele essenties. In feite is de meest nobele persoon is bij Allah degene die het meest Allah-bewust is. 

Profeet Mohammed (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) heeft gezegd: “O mensen! Waarlijk jullie Heer is Eén en jullie vader (Adam) is één. Een Arabier is niet beter dan een niet-Arabier, en een niet-Arabier is niet beter dan een Arabier; een blanke is niet beter dan een zwarte en een zwarte is niet beter dan een blanke – behalve in termen van vroomheid en goede daden.” [Ahmad]

Gebaseerd op artikel van IslamWeb

Eerste zuil van Imaan: Het geloven in Allah Deel 6 Tawhied Asmaa wa Sifaat (De Eénheid van Allah in Namen en de Eigenschappen)

Dit geloof vereist het accepteren van alles wat Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) over Zichzelf beschrijft, in Zijn Boek of in de Soennah van de boodschapper, vrede zij met hem. De Namen en Eigenschappen dienen zonder wijziging,verwerping, precieze beschrijving van hun ware aanleg of zonder dezen gelijk te stellen met eigenschappen van de schepping. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt: 

وَلِلَّهِ الأسْمَاءُ الْحُسْنَى فَادْعُوهُ بِهَا وَذَرُوا الَّذِينَ يُلْحِدُونَ فِي أَسْمَائِهِ سَيُجْزَوْنَ مَا كَانُوا يَعْمَلُونَ


“En aan Allah behoren de Schone Namen, roept Hem daarmee aan en verlaat degenen die misbruik van Zijn Namen maken; zij zullen worden vergolden voor wat zij plachten te doen.” [Al-Aaraaf:180]

وَلَهُ الْمَثَلُ الأعْلَى فِي السَّمَاوَاتِ وَالأرْضِ وَهُوَ الْعَزِيزُ الْحَكِيمُ

“En voor Hem zijn de verhevenste attributen in de hemelen en op aarde, en Hij is de Almachtige, de Alwijze.” [Al-Rum:27]

De éénheid van de Namen en Eigenschappen van Allah is gebaseerd op drie fundamenten. 
Ten eerste:  
Allah (Geprezen en Verheven zij Hij)  lijkt in niets op Zijn schepselen. Zijn Eigenschappen zijn verheven en vrij van elke vorm van tekortkoming. Dit wordt duidelijk gemaakt in de volgende verzen:
لَيْسَ كَمِثْلِهِ شَيْءٌ وَهُوَ السَّمِيعُ الْبَصِيرُ

“Er is niets aan Hem gelijk en Hij is de Alhorende, de Alziende.” [Al-Shura:11]
En niet één is aan Hem gelijkwaardig.                                                              (Soerat al-Ikhlaas: 4)
Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) in Zijn Grootheid, Glorie en Soevereiniteit niet gelijk is aan ook maar één van Zijn schepselen. Niets kan beschreven worden door het te vergelijken met Hem. De woorden die door de Islam worden gebruikt om zowel Allah  als Zijn schepselen te beschrijven lijken misschien hetzelfde, maar in werkelijkheid zijn ze anders. Bijvoorbeeld Allah spreekt wel, maar niet zoals zijn schepselen dat doen en Hij hoort wel, maar niet zoals zijn schepselen dat doen enz… Of anders gezegd: Zijn Eigenschappen zijn niet te vergelijken met die van Zijn schepselen.
De eenheid van de Namen en Eigenschappen van Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) houdt in dat de moslim erin moet geloven dat Zijn Schepper verheven is boven het hebben van een vrouw, partner, kind enz. De moslim moet ook erin geloven dat Allah verheven is boven elke tekortkoming, zoals vermoeidheid, slaap, sterfelijkheid, onwetendheid,vergeetachtigheid enz.
Ten tweede: 
Allah dient alleen beschreven te worden met de Namen en Eigenschappen die worden genoemd in de Quraan en de Soennah van de Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem). Allah kent zichzelf zeker het best. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt:
قُلْ أَأَنْتُمْ أَعْلَمُ أَمِ اللَّهُ
“Weten jullie beter of Allah?” [Al-baqarah:140]
Ten derde: 
Wij moeten geloven in de Namen en de Eigenschappen van Allah zoals die zijn beschreven in de Koran en de Soennah van de Profeet  (Allah’s gebeden en vrede zij met hem), zonder dat wij gaan vragen over hoe dit werkelijk is. 
Een mooi voorbeeld om dit uit te leggen zijn de woorden van Imam Maalik toen hij gevraagd werd over de Istiwaa (het zich verheffen van Allah  boven Zijn Troon) Hij zei: “Istiwaa (het zich verheffen) is bekend, de hoedanigheid (de manier waarop dit gebeurt) is onbekend, het geloven erin (in de Istiwaa)  is verplicht”   
Wij geloven dat Allah hoort, ziet, spreekt enz., omdat de bewijzen hiervoor in de Koran en de Soennah terug zijn te vinden. Deze Eigenschappen van Allah zijn echter niet te vergelijken met die van Zijn Schepselen!

Eerste zuil van Imaan: Het geloven in Allah Deel 5 Tawhied Oeloehiyyah (De Eénheid van Allah in Zijn Aanbidding)

Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) is de Ilah, dit betekent dat Hij Degene is die aanbeden dient te worden, en geen deelgenoten heeft. Deze Ilah wordt met liefde en eerbied aanbeden. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) heeft gezegd:

وَإِلَهُكُمْ إِلَهٌ وَاحِدٌ لا إِلَهَ إِلا هُوَ الرَّحْمَنُ الرَّحِيمُ 

“En jullie god is één God. Geen god is er dan Hij, de Erbarmer, de Meest Barmhartige.” [Al-Baqarah:163]

شَهِدَ اللَّهُ أَنَّهُ لا إِلَهَ إِلا هُوَ وَالْمَلائِكَةُ وَأُولُو الْعِلْمِ قَائِمًا بِالْقِسْطِ لا إِلَهَ إِلا هُوَ الْعَزِيزُ الْحَكِيمُ 

“Allah getuigt dat er geen god is dan Hij en (ook) de Engelen en de bezitters van kennis, standvastig in de gerechtigheid. Er is geen god dan Hij, de Almachtige, de Alwijze.” [Al-Imraan:18]

Alles wat als God naast Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) wordt genomen, zijn valse goden. Daarom zegt Allah (Geprezen en Verheven zij Hij): 

ذَلِكَ بِأَنَّ اللَّهَ هُوَ الْحَقُّ وَأَنَّ مَا يَدْعُونَ مِنْ دُونِهِ هُوَ الْبَاطِلُ وَأَنَّ اللَّهَ هُوَ الْعَلِيُّ الْكَبِيرُ 

“Dat is omdat Allah de Waarheid is en omdat wat zij naast Hem aanroepen vals is en omdat Allah de Verhevene, de Grootste is.” [Al-Hadj:62]

Door deze dingen ‘god’ te noemen zal het hen niet tot goden maken. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) heeft over deze afgoden (al-Laat, al-’Oezza en Manat) gezegd:


إِنْ هِيَ إِلا أَسْمَاءٌ سَمَّيْتُمُوهَا أَنْتُمْ وَآبَاؤُكُمْ مَا أَنْزَلَ اللَّهُ بِهَا مِنْ سُلْطَانٍ

“Dit zijn slechts namen die u uitgedacht heeft – u en uw vaderen – waarvoor Allah geen gezag heeft nedergezonden.” [Al-Nadjm:23] 

Jozef (vrede zij met hem) zei tegen zijn metgezellen in de gevangenis (zelfs in gevangenis gaf hij  les over Tawhied), zoals in de Koran genoemd wordt: 


يَا صَاحِبَيِ السِّجْنِ أَأَرْبَابٌ مُتَفَرِّقُونَ خَيْرٌ أَمِ اللَّهُ الْوَاحِدُ الْقَهَّارُ * مَا تَعْبُدُونَ مِنْ دُونِهِ إِلا أَسْمَاءً سَمَّيْتُمُوهَا أَنْتُمْ وَآبَاؤُكُمْ مَا أَنْزَلَ اللَّهُ بِهَا مِنْ سُلْطَانٍ

“(Jozef zei:) ‘O mijn medegevangenen, zijn verschillende heren beter, of Allah, de Ene, de Overweldiger? Wat jullie naast Hem aanbidden zijn slechts namen die jullie en jullie vaderen hebben gegeven. Allah heeft hiervoor geen bewijs neergezonden..'” [Yusuf:39-40]

Alle boodschappers zeiden gewoonlijk tegen hun volkeren:

يَا قَوْمِ اعْبُدُوا اللَّهَ مَا لَكُمْ مِنْ إِلَهٍ غَيْرُهُ أَفَلا تَتَّقُونَ

“O mijn volk, aanbidt Allah, er is geen andere god voor jullie dan Hij. Waarom vrezen jullie (Allah) niet?” [Al-Mominun:23]

Het bevestigen van Tawhied Oeloehiyyah en het geloven erin gaan samen met het ontkennen van elke vorm van tussenkomst. Dat wil zeggen dat de mens zich direct tot Allah moet richten als hij een aanbidding wil verrichten of iets aan Allah wil vragen, hij mag niemand en niets tussen hem en Allah als tussenpersoon nemen. Want je mag aan Allah geen deelgenoten toekennen.  Het is dus niet toegestaan om tot een dode of een levende persoon te bidden of Hem te smeken. Het is wel toegestaan om een vrome levende persoon te vragen om een smeekbede voor jou te doen, zolang hij nog leeft. Je vraagt van een vrome persoon of hij Allah voor jou wil vragen, want het kan zo zijn dat Allah zijn smeekbede verhoort en jou smeekbede niet verhoort. Maar zo’n man kan jou niet zegenen of iets voor jou doen dat Allah alleen kan doen. Je mag wel een mens vragen om jou te helpen met zaken die mensen wel aankunnen, maar niet met zaken die buiten hun macht zijn of die alleen Allah kan doen. Maar het vragen van de doden om smeekbede voor jou te doen is Haraam. Zij zijn niet in staat om ons te horen en zij zijn niet eens in staat om zelfs zichzelf te helpen!

De Koran behandelt ook het excuus die de afgodenaanbidders gebruiken om hun afgoderij te rechtvaardigen, zij zeiden:
وَالَّذِينَ اتَّخَذُوا مِنْ دُونِهِ أَوْلِيَاءَ مَا نَعْبُدُهُمْ إِلا لِيُقَرِّبُونَا إِلَى اللَّهِ زُلْفَى
“En degenen, die naast Hem anderen als beschermers nemen, zeggende: ‘Wij aanbidden dezen slechts opdat zij ons in Allah’s nabijheid brengen.'” [Al-Zomar:3]
Zij wilden daarmee zeggen, dat hun afgoden werden gebruikt als tussenpersonen om dichter bij Allah te komen, maar toch keurt Allah dit af. Veel christenen richten hun gebed tot Isa (vrede zij met hem) of zijn moeder Mariam (vrede zij met haar). De katholieken hebben vele ‘heiligen’ tot wie zij hun gebed richten. Zij gebruiken priesters als tussenpersonen. Zelfs een aantal afgedwaalde moslimsekten richten hun gebed tot de Profeet (vrede zij met hem) of  familieleden van de Profeet (vrede zij met hem). Velen bezoeken het graf van de Profeet (vrede zij met hem) in de hoop dat hij hun gebeden zal verhoren. Dit heeft de Profeet (vrede zij met hem) in het bijzonder afgekeurd toen hij tijdens zijn laatste dagen zei: “Neem mijn graf niet tot gebedsplaats.” [Muwatta Imam Malik]

De ongelovigen weigerden echter deze roep te accepteren. Zij namen anderen tot goden naast Allah (Geprezen en Verheven zij Hij). Zij aanbaden hen naast Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) en riepen hen aan wanneer zij hulp nodig hadden. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) weerlegde de ongelovigen in het nemen van deze afgoden als god naast Hem, door twee logische argumenten te gebruiken. 
Het eerste argument: Deze afgoden die door de ongelovigen als god worden genomen, bezitten geen eigenschappen die hen bevoegd maakt om goden te zijn. Deze valse goden zijn geschapen en scheppen niet. Zij kunnen noch degenen die hen aanbidden baten, noch kunnen zij het kwaad afweren. Zij kunnen niet leven geven of nemen. Ook bezitten zij niet, noch zijn zij deelgenoten in het koninkrijk van de hemelen en aarde. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) heeft gezegd:

وَاتَّخَذُوا مِنْ دُونِهِ آلِهَةً لا يَخْلُقُونَ شَيْئًا وَهُمْ يُخْلَقُونَ وَلا يَمْلِكُونَ لأنْفُسِهِمْ ضَرًّا وَلا نَفْعًا وَلا يَمْلِكُونَ مَوْتًا وَلا حَيَاةً وَلا نُشُورًا
“Toch namen zij naast Hem goden die niets schiepen en die niet bij machte zijn zelf kwaad (af te wenden) en goed (te doen) en geen macht hebben over leven en niet over de dood en over het opwekken.” [Al-Forqan:3]


قُلِ ادْعُوا الَّذِينَ زَعَمْتُمْ مِنْ دُونِ اللَّهِ لا يَمْلِكُونَ مِثْقَالَ ذَرَّةٍ فِي السَّمَاوَاتِ وَلا فِي الأرْضِ وَمَا لَهُمْ فِيهِمَا مِنْ شِرْكٍ وَمَا لَهُ مِنْهُمْ مِنْ ظَهِيرٍ 

“Zeg: ‘Roept degenen aan, waarvan u beweert dat zij Goden zijn buiten Allah. Zij hebben zelfs geen macht over het gewicht van een atoom in de hemelen of op aarde noch hebben zij enig aandeel aan beiden, noch heeft Hij een enkele helper onder hen… ‘” [Saba:22]

Als dit het geval is met valse goden, dan is het nemen van deze als goden een ware misleiding en het ergst van alle daden.
 
Het tweede argument: De moeshrikien (polytheïsten) behoren tot degenen die bevestigen dat Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) alleen is, de Heer, de Schepper, Degene die alles bezit en Degene die bescherming geeft, en niemand is in staat iemand anders te beschermen tegen Zijn Macht. Deze bevestiging eist van de ongelovigen alleen Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) te aanbidden. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) heeft gezegd:

يَا أَيُّهَا النَّاسُ اعْبُدُوا رَبَّكُمُ الَّذِي خَلَقَكُمْ وَالَّذِينَ مِنْ قَبْلِكُمْ لَعَلَّكُمْ تَتَّقُونَ * الَّذِي جَعَلَ لَكُمُ الأرْضَ فِرَاشًا وَالسَّمَاءَ بِنَاءً وَأَنْزَلَ مِنَ السَّمَاءِ مَاءً فَأَخْرَجَ بِهِ مِنَ الثَّمَرَاتِ رِزْقًا لَكُمْ فَلا تَجْعَلُوا لِلَّهِ أَنْدَادًا وَأَنْتُمْ تَعْلَمُونَ

“O mensen, aanbid jullie Heer, Degenen Die jullie heeft geschapen en degenen voor jullie. Hopelijk zullen jullie (Allah) vrezen. * Degene Die de aarde voor jullie heeft gemaafkt tot een tapijt en de hemel tot een gewelf en Hij zendt water uit de hemel neer, waarmee Hij vervolgens vruchten voortbrengt als voorziening voor jullie. Ken daarom geen deelgenoten toe aan Allah, terwijl jullie (het) weten.” [Al-Baqarah:21-22]

وَلَئِنْ سَأَلْتَهُمْ مَنْ خَلَقَهُمْ لَيَقُولُنَّ اللَّهُ فَأَنَّى يُؤْفَكُونَ

“En indien u hun vraagt: “Wie schiep hen?”, zullen zij zeker zeggen: “Allah “. Waarheen worden zij dan afgewend?” [Al-Zochrof:87]

قُلْ مَنْ يَرْزُقُكُمْ مِنَ السَّمَاءِ وَالأرْضِ أَمْ مَنْ يَمْلِكُ السَّمْعَ وَالأبْصَارَ وَمَنْ يُخْرِجُ الْحَيَّ مِنَ الْمَيِّتِ وَيُخْرِجُ الْمَيِّتَ مِنَ الْحَيِّ وَمَنْ يُدَبِّرُ الأمْرَ فَسَيَقُولُونَ اللَّهُ فَقُلْ أَفَلا تَتَّقُونَ * فَذَلِكُمُ اللَّهُ رَبُّكُمُ الْحَقُّ فَمَاذَا بَعْدَ الْحَقِّ إِلا الضَّلالُ فَأَنَّى تُصْرَفُونَ 

“Zeg: “Wie schenkt jullie voorzieningen uit de hemel en de aarde,” of: “Wie heeft macht over (het scheppen van) het horen en het zien en wie brengt het levende voort uit de dode en wie brengt de dode voort uit het levende, en wie verordent het bestuur?” Zij zullen zeggen: “Allah” Zeg dan: “Zullen jullie (Allah) dan niet vrezen?” * Dat is Allah, jullie ware Heer. En na de Waarheid, is er niets dan de dwaling. Hoe komt het dan dat jullie worden afgeleid? “ [Yusuf:31-32]

We hebben gezien dat Allah de Heerser is over de hele Schepping en dat Hij de Enige is Die het verdiend heeft aanbeden te worden. Dit betekent dat Hij Zich van alles en iedereen onderscheidt. Want niemand en niets kan op Allah lijken, anders krijgen we meer goden en dat kan gewoon niet. Wij moeten er dus ook in geloven dat de Namen en de Eigenschappen van Allah niet te vergelijken zijn met de namen en de eigenschappen van Zijn schepselen. Dit heet Tawhied Asmaa wa Sifaat. 

Eerste zuil van Imaan: Het geloven in Allah Deel 4 Tawhied Roeboebiyyah (de Eénheid van Allah in Zijn Heerschappij)

Tawhied is de éénheid van Allah. Allah is de enige Ware God, niemand en niets lijkt op Hem. Hij is de Alhorende, Alwetende. 

Dit betekent geloven dat Allah de Heer is, alleen, en dat Hij geen deelgenoten heeft of helpers. De Rabb (Heer) is Degene die Schept en Beveelt. Er is geen Schepper behalve Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) en er is geen andere eigenaar van het universum behalve Hij. Het Bevel en het Beheer behoort aan Hem. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) heeft gezegd: 

لَهُ الْخَلْقُ وَالأمْرُ

“Voorwaar, van Hem is de schepping en het gebod” [Al-Aaraaf:54]


ذَلِكُمُ اللَّهُ رَبُّكُمْ لَهُ الْمُلْكُ وَالَّذِينَ تَدْعُونَ مِنْ دُونِهِ مَا يَمْلِكُونَ مِنْ قِطْمِيرٍ

“Alzo is Allah, uw Heer, van Hem is het Koninkrijk en zij, die u buiten Hem aanroept, bezitten niets.” [Faatir:13]

Slechts enkele mensen verwierpen Allah’s Heerschappij. Zij zijn degenen die arrogant zijn, degenen die ontkennen wat zij diep in hun hart geloven. Dit was ook het geval bij Farao, toen hij tegen zijn volk zei, zoals in de Koran genoemd wordt:
فَقَالَ أَنَا رَبُّكُمُ الأعْلَى

“(Zeggende), ‘Ik ben uw Heer de Allerhoogste.'”  [Al-Naziaat:24]

وَقَالَ فِرْعَوْنُ يَا أَيُّهَا الْمَلأ مَا عَلِمْتُ لَكُمْ مِنْ إِلَهٍ غَيْرِي

“En Pharao zei: “O leiders, ik erken geen God voor u naast mij'” [Al-Qasas:38]

Wat hij zei, was echter niet zijn ware geloof. Zoals Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) heeft gezegd:
وَجَحَدُوا بِهَا وَاسْتَيْقَنَتْهَا أَنْفُسُهُمْ ظُلْمًا وَعُلُوًّا


“En zij verwierpen deze onrechtvaardig en aanmatigend terwijl hun zielen er van overtuigd waren.” [Al-Naml:14]


Ook Mozes zei tegen de Farao, zoals in de Koran genoemd wordt:

قَالَ لَقَدْ عَلِمْتَ مَا أَنْزَلَ هَؤُلاءِ إِلا رَبُّ السَّمَاوَاتِ وَالأرْضِ بَصَائِرَ وَإِنِّي لأظُنُّكَ يَا فِرْعَوْنُ مَثْبُورًا

“Mozes zei: ‘Jij weet dat niemand anders die (Tekenen) heeft neergezonden dan de Heer van de hemelen en de aarde, als een duidelijk bewijs. Voorwaar, ik ga er vanuit dat jij, O Farao, ten ondergang gedoemd bent.'” [Al-Israa:102]

De Arabische ongelovigen van vroeger waren gewend Allah’s Heerschappij te bevestigen, alhoewel zij Hem deelgenoten toekenden bij Zijn aanbidding. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt:

قُلْ لِمَنِ الأرْضُ وَمَنْ فِيهَا إِنْ كُنْتُمْ تَعْلَمُونَ * سَيَقُولُونَ لِلَّهِ قُلْ أَفَلا تَذَكَّرُونَ * قُلْ مَنْ رَبُّ السَّمَاوَاتِ السَّبْعِ وَرَبُّ الْعَرْشِ الْعَظِيمِ * سَيَقُولُونَ لِلَّهِ قُلْ أَفَلا تَتَّقُونَ * قُلْ مَنْ بِيَدِهِ مَلَكُوتُ كُلِّ شَيْءٍ وَهُوَ يُجِيرُ وَلا يُجَارُ عَلَيْهِ إِنْ كُنْتُمْ تَعْلَمُونَ * سَيَقُولُونَ لِلَّهِ قُلْ فَأَنَّى تُسْحَرُونَ

  
“Zeg: “Aan wie behoort de aarde en alles wat zich daarop bevindt, als jullie het weten?” * Zij zullen zeggen: “Aan Allah.” Zeg: “Waarom laten jullie je dan niet vermanen?” * Zeg: “Wie is de Heer van de zeven hemelen en de Heer van de Geweldige Troon? * Zij zullen zeggen: “Aan Allah.” Zeg: “Waarom vrezen jullie (Allah) dan niet?” * Zeg: “In Wiens handen is de heerschappij over alles? En Hij beschermt en Hij wordt niet beschermt, als jullie het weten.” * Zij zullen zeggen: “Aan Allah.” Zeg: “Waarom zijn jullie dan misleid?””[Al-Mominun:84-89]

وَلَئِنْ سَأَلْتَهُمْ مَنْ خَلَقَ السَّمَاوَاتِ وَالأرْضَ لَيَقُولُنَّ خَلَقَهُنَّ الْعَزِيزُ الْعَلِيمُ

“En indien u hun vraagt: “Wie schiep de hemelen en de aarde?” zullen zij zeker zeggen: “De Machtige, de Alwetende.”” [Al-Zoechroef:9]


Allah’s bevel bestaat uit zowel Zijn Bestuur van het universum en het Gebod. Hij is degene die de Schepping bestuurt, en Degene die doet wat Hij wil, in overeenstemming met zijn Wijsheid. Hij is ook Degene die het bevel geeft om aspecten van aanbidding of van handelingen te organiseren, in overeenstemming met Zijn Wijsheid. Een ieder die iemand anders naast Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) neemt als degene die handelingen van aanbidding of manieren van handeling beveelt, heeft Shirk begaan (ongeloof, associatie in aanbidding) met Allah (Geprezen en Verheven is Hij). Deze daad verklaart de Imaan (het geloof) ongeldig.

Het geloof in de voorbeschikking (Al-Qadar) zit verwerkt in Tawhied Roeboebiyyah. Al-Qadar wil zeggen dat alles wat zich voordoet op aarde en op de hemelen in overeenstemming is met de kennis, wil en kracht van Allah. Tawhied Roeboebiyyah kan men terugvinden in bijna elk vers van de Koran. Tawhied Roeboebiyyah is de basis voor de andere vormen van Tawhied, namelijk Tawhied Oeloehiyyah en Tawhied Asmaa wa Sifaat. Allah heeft de macht om te scheppen. Hij is de Schepper en de Heerser en heeft als Rabb de beschikking over de perfecte Kwaliteiten en Eigenschappen. 

Zelfs de veelgodenaanbidders van vroeger en veel niet-moslims tegenwoordig erkennen deze vorm van tawhied. Ook al ontkennen zij de andere vormen van Tawhied en ook al hebben zij een fout beeld van de ware betekenis ervan. De Koran bevestigt dat de vroegere veelgodenaanbidders in Roeboebiyyah (Heerschappij) van Allah geloofden. Maar het probleem van deze veelgodenaanbidders is dat zij naast Allah ook andere valse goden (afgoden) aanbaden. Zij geloofden er bijvoorbeeld in dat er maar één Schepper is. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt:


وَلَئِنْ سَأَلْتَهُمْ مَنْ خَلَقَهُمْ لَيَقُولُنَّ اللَّهُ فَأَنَّى يُؤْفَكُونَ 

“En indien u hun vraagt: “Wie schiep hen?”, zullen zij zeker zeggen: “Allah “. Waarheen worden zij dan afgewend?” [Al-Zoechroef: 87]

Maar zij geloofden er niet in dat er maar één God (Allah) is. Zij zeggen dat die andere (valse) goden geen Rabb zijn, dat ze niet kunnen scheppen, maar dat zij hen wel mogen aanbidden. Dit betekent dus dat zij niet in Tawhied Oeloehiyyah geloofden.  
 

Eerste zuil van Imaan: Het geloven in Allah Deel 3 Wat is Tawhied?

De taalkundige betekenis van Tawhied: Het één maken en het ontkennen van meerderen. De Islamitische betekenis van Tawhied: Het ontkennen van een gelijke aan Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) in al Zijn Eigenschappen, Namen en Daden. Tevens betreft het de ontkenning dat Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) gelijken heeft in Zijn Heerschappij. 
De kennis van Tawhied (Geprezen en Verheven zij Hij) is het meest eervolle en waardige van alle kennis. Deze kennis is het meest vereiste dat door de gelovigen verworven dient te worden. Dit is kennis van Allah, Zijn namen en eigenschappen en Zijn rechten op Zijn dienaren. Dit vormt de sleutel om de tevredenheid van Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) te bereiken en zijn geboden te kennen. Dit is waarom alle boodschappers opriepen tot Tawhied. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) heeft
gezegd:


وَمَا أَرْسَلْنَا مِنْ قَبْلِكَ مِنْ رَسُولٍ إِلا نُوحِي إِلَيْهِ أَنَّهُ لا إِلَهَ إِلا أَنَا فَاعْبُدُونِ
“En Wij stuurden niet één van de Boodschappers voor jou, of Wij openbaarden aan hem dat er geen andere god dan Ik is, aanbidt Mij daarom.” [Al-Anmbjaa:25]

Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) getuigt dat Hij één is, samengaand met de getuigenis van Zijn engelen en mensen met kennis van Zijn Éénheid:

شَهِدَ اللَّهُ أَنَّهُ لا إِلَهَ إِلا هُوَ وَالْمَلائِكَةُ وَأُولُو الْعِلْمِ قَائِمًا بِالْقِسْطِ لا إِلَهَ إِلا هُوَ الْعَزِيزُ الْحَكِيمُ
“Allah getuigt dat er geen god is dan Hij en (ook) de Engelen en de bezitters van kennis, standvastig in de gerechtigheid. Er is geen god dan Hij, de Almachtige, de Alwijze.” [Al-Imraan:18]
Als Tawh’eed zo belangrijk is, dan dient elke moslim zich te bekommeren om deze kennis te verwerven door het te bestuderen, te begrijpen en er vervolgens in te geloven. Dit is de manier waarop moslims hun religie bouwden op een stevige basis, terwijl zij zekerheid en nederigheid voelden in het geloof. Dit leidt uiteindelijk naar vreugde, nadat de doelen van de Islam zijn bereikt.

Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt met betrekking tot het ontkennen van een gelijke in Zijn Namen en Eigenschappen:  
قُلْ هُوَ اللَّهُ أَحَدٌ * اللَّهُ الصَّمَدُ * لَمْ يَلِدْ وَلَمْ يُولَدْ * وَلَمْ يَكُنْ لَهُ كُفُوًا أَحَدٌ

“Zeg Hij is Allah, Hij is Ahad (Een) * Hij is niet afhankelijk van iets en alles is van hem afhankelijk * Hij heeft niet verwekt en noch is Hij verwekt * En er is en zal geen gelijke zijn aan hem tot in de eeuwigheid” [Al-Ichlaas]

Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt met betrekking tot het ontkennen van deelgenoten in Zijn Heerschappij:  

قُلْ مَنْ يَرْزُقُكُمْ مِنَ السَّمَاءِ وَالأرْضِ أَمْ مَنْ يَمْلِكُ السَّمْعَ وَالأبْصَارَ وَمَنْ يُخْرِجُ الْحَيَّ مِنَ الْمَيِّتِ وَيُخْرِجُ الْمَيِّتَ مِنَ الْحَيِّ وَمَنْ يُدَبِّرُ الأمْرَ فَسَيَقُولُونَ اللَّهُ فَقُلْ أَفَلا تَتَّقُونَ
“Zeg: ‘Wie schenkt jullie voorzieningen uit de hemel en de aarde’ of: ‘Wie heeft macht over (het scheppen van) het horen en het zien en wie brengt het levende voort uit de dode en wie brengt de dode voort uit het levende, en wie verordent het bestuur?’ Zij zullen zeggen: ‘Allah’ Zeg dan: ‘Zullen jullie (Allah) dan niet vrezen?'” (Yunus:31)

Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt met betrekking tot het ontkennen van deelgenoten in Zijn Aanbidding:  
قُلْ إِنَّ صَلاتِي وَنُسُكِي وَمَحْيَايَ وَمَمَاتِي لِلَّهِ رَبِّ الْعَالَمِينَ * لا شَرِيكَ لَهُ وَبِذَلِكَ أُمِرْتُ وَأَنَا أَوَّلُ الْمُسْلِمِينَ 
“Zeg: ,,Waarlijk mijn Salaah (gebed) en mijn Noesoek (aanbidding/offering) en mijn leven en mijn sterven zijn voor Allah, de Heer der Werelden. Hij kent geen deelgenoten. En hiertoe ben ik opgedragen en ik ben de eerste van de moslims.”(Al-Anaam:162-163)   
Op basis van het voorgaande kunnen wij opmaken dat Tawhied uit de volgende drie categorieën bestaat:
  • Tawhied Roeboebiyyah (de Eénheid van Allah in Zijn Heerschappij).
  • Tawhied Oeloehiyyah (De Eénheid van Allah in Zijn Aanbidding).
  • Tawhied Asmaa wa al-Sifaat (De Eénheid van de Namen en Eigenschappen van Allah).

De volgende Woorden van Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) kunnen als uitgangspunt voor deze verdeling  dienen: 


رَبُّ السَّمَاوَاتِ وَالأرْضِ وَمَا بَيْنَهُمَا فَاعْبُدْهُ وَاصْطَبِرْ لِعِبَادَتِهِ هَلْ تَعْلَمُ لَهُ سَمِيًّا 
“(Hij is de) Heer van de hemelen en de aarde en wat ertussen is: aanbid Hem daarom, en wees geduldig in het aanbidden van Hem. Ken jij iemand die aan Hem gelijkwaardig is?” (Marjam:65)

Dit vers omvat de drie verschillende categorieën van Tawhied.
  • De Woorden (Hij is de) Heer van de Hemelen en de aarde en wat ertussen is…”: duiden op Tawhied Roeboebiyyah. 
  • De Woorden “…aanbid Hem daarom en wees geduldig in het aanbidden van Hem”: duiden op Tawhied Oeloehiyyah. 
  • De Woorden “Ken jij iemand die aan Hem gelijkwaardig is?”: duiden op Tawhied Asmaa wa al-Sifaat.

Eerste zuil van Imaan: Het geloven in Allah Deel 2 Bewijzen voor het bestaan van Allah

De mensheid, in het algemeen, handhaafde geloof in het bestaan ​​van de Schepper van het universum van oudsher. Allah heeft mede daarom de boodschappers gestuurd en de boeken nedergezonden, met als doel de dienaren te begeleiden naar hetgeen Hem behaagt en wat Hij liefheeft. Dit houdt in dat de dienaren in Hem geloven, Zijn methodiek bewandelen en de aanbidding voor hem verwezenlijken. Zoals Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt:

قَالَتْ رُسُلُهُمْ أَفِي اللَّهِ شَكٌّ فَاطِرِ السَّمَاوَاتِ وَالأرْضِ

“Hun Boodschappers zeiden: “Is er twijfel over Allah, de Schepper van de hemel en de aarde?” (Ibrahiem:10)

Het bewijs kan men vinden met behulp van de volgende zaken:  

De Ratio

Hebben alle bestaande wezens zichzelf geschapen of zijn ze door blinde toeval zijn ontstaan? Als er wordt gezegd dat zij uit zichzelf zijn ontstaan. Dan zeggen wij dat dit tegen de ratio in gaat. Want voor hun bestaan waren zij niets dus hoe kan niets ineens iets worden. Als er daarentegen wordt gezegd dat zij door blinde toeval zijn ontstaan, dan zeggen wij hierover ook dat dit in strijd is met de ratio. Want als je naar alle zaken om je heen kijkt zoals vliegtuigen, raketten, auto’s en diverse apparaten, kan men hierover zeggen dat dit alles per toeval is ontstaan? Iedereen zal dan moeten bekennen dat dit niet mogelijk is. Zo is het ook met de bergen, vogels, zon, maan, sterren, bomen, woestijnen, zeeën enz. Het kan nooit zo zijn dat dit allemaal per toeval is ontstaan.

Eens was Aboe Haniefah in debat met een verzameling atheïsten uit India over het bestaan van Allah. Aboe Haniefah zei toen: “Ik denk aan een schip, volgeladen met goederen dat onbemand over de zee vaart en aankomt op de plaats van bestemming. Waarna de goederen vanzelf afgelost worden, zonder tussenkomst van havenwerkers.” Zij vroegen toen: “Denk jij hier werkelijk aan?” Hij antwoordde: “Ja!” Zij zeiden toen: “Dan ben jij je verstand kwijt. Want het bestaat niet dat een schip vanzelf vaart, aankomt en aflost. Dit is absoluut onmogelijk.” Hij zei toen: “Hoe kunnen jullie dit wel vreemd vinden, terwijl jullie zonder enige moeite durven te beweren dat deze hemelen, zon, maan, sterren, bergen, bomen, dieren en mensen allemaal geen Schepper hebben?” Toen wisten zij dat de man hun verstand had aangesproken en zij stonden versteld van zijn antwoord.
Er werd tegen een bedoeïen gezegd: “Hoe weet je zeker dat jouw Heer bestaat?” Hij antwoordde: “De voetsporen in het zand duiden op een voetganger die voorbij is gekomen en uitwerpselen duiden op kamelen die voorbij zijn getrokken. Dus, een hemel vol met sterren, een aarde rijk aan wegen en een zee rijk aan golven, duidt dit allemaal niet op de Alhorende, de Alziende?”


In het kader hiervan zegt Allah (Geprezen en Verheven zij Hij):


 أَمْ خُلِقُوا مِنْ غَيْرِ شَيْءٍ أَمْ هُمُ الْخَالِقُونَ

“Zijn zij door niets geschapen of zijn zij (hun eigen) schepper? (Al-Thur:35)  


Nadat de noodzakelijkheid van het bestaan ​​van een Schepper erkend te hebben, realiseert men zich dan dat er maar een Schepper kan zijn. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt:

لَوْ كَانَ فِيهِمَا آلِهَةٌ إِلا اللَّهُ لَفَسَدَتَا فَسُبْحَانَ اللَّهِ رَبِّ الْعَرْشِ عَمَّا يَصِفُونَ

“Als er andere goden dan Allah in zouden zijn, dan zou zij (de hemelen en de aarde) zeker vergaan: maar Heilig is Allah, Heer van de Troon, boven wat zij Hem toeschrijven!” (Al-Anmbijaa:22)

مَا اتَّخَذَ اللَّهُ مِنْ وَلَدٍ وَمَا كَانَ مَعَهُ مِنْ إِلَهٍ إِذًا لَذَهَبَ كُلُّ إِلَهٍ بِمَا خَلَقَ وَلَعَلا بَعْضُهُمْ عَلَى بَعْضٍ سُبْحَانَ اللَّهِ عَمَّا يَصِفُونَ

“Allah heeft zich geen kind genomen en er is geen god naast Hem! Dan zou iedere god weggaan met wat hij schiep en zouden zij elkaar overweldigen. Heilig is Allah boven wat zij (Hem) toeschrijven.” (Al-Mominun:91)

أَفَمَنْ يَخْلُقُ كَمَنْ لا يَخْلُقُ أَفَلا تَذَكَّرُونَ 

“Is Degene Die schept dan gelijk aan degene die niet schept? Zullen jullie je niet laten vermanen?” (An-Nahl:17)

 Gewaarwording

De mens roept zijn Heer aan zeggende: “O Heer!” om Hem vervolgens iets te vragen, waarna zijn smeekbede wordt verhoord. Dit zien wij veelvuldig om ons heen gebeuren en ook kennen wij vele verhalen van de mensen die ons zijn voorgegaan waarvan de smeekbeden zijn verhoord. We zijn getuige van en beleven het beantwoording van gebeden, en dit op zichzelf wijst op het bestaan ​​van Allah (Geprezen en Verheven zij Hij), Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt: 

إِذْ تَسْتَغِيثُونَ رَبَّكُمْ فَاسْتَجَابَ لَكُمْ

“Toen jullie je Heer (bij de Slag bij Badr) om hulp vroegen en Hij jullie verhoorde” (Al-Anfaal:8)

Eens kwam er een bedoeïen de moskee binnen terwijl de Profeet (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) de vrijdagstoepspraak aan het houden was en zei: “Al ons bezit is vernietigd en er is geen uitweg meer, vraagt Allah om ons te hulp te schieten?”  Anas zei: “Bij Allah, op dat moment zag je geen pluimpje wolk aan lucht… Maar direct na de smeekbede van de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) verscheen uit het niets een wolk, deze verspreidde zich vervolgens, daarna begon het te donderen, te bliksemen en te regenen. En op het moment dat de Boodschapper (Allah’s gebeden en vrede zij met hem) van de minbar afkwam was zijn baard doordrenkt met regen.” [Al-bukhari en Moeslim]


Natuurlijke Aanleg (Fitra)



Veel mensen, waarvan de natuurlijke aanleg niet verpest is, geloven in het bestaan van Allah (Geprezen en Verheven zij Hij). Zelfs de mensen die beweren niet te geloven in Allah (Geprezen en Verheven zij Hij), op het moment dat zij Allah het meest nodig hebben, bijvoorbeeld in een gevaarlijke situatie of wanneer alles lijkt tegen te zitten, dan heffen zij hun handen in de lucht, Allah aanroepend. Daarom geeft Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) een soortgelijk voorbeeld in de Koran:

فَإِذَا رَكِبُوا فِي الْفُلْكِ دَعَوُا اللَّهَ مُخْلِصِينَ لَهُ الدِّينَ فَلَمَّا نَجَّاهُمْ إِلَى الْبَرِّ إِذَا هُمْ يُشْرِكُونَ



“En wanneer zij aan boord van een schip gaan, roepen zij Allah aan, oprecht zijnde in gehoorzaamheid aan Hem. Maar wanneer Hij hen veilig aan wal brengt, zie, zij schrijven deelgenoten aan Hem toe.” (Al-Ankabut:65)



Maar de mensheid heeft de neiging om in de loop van zijn dagelijks leven van comfort en plezier zijn Heer te vergeten. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt: 

وَإِذَا مَسَّ الإنْسَانَ ضُرٌّ دَعَا رَبَّهُ مُنِيبًا إِلَيْهِ ثُمَّ إِذَا خَوَّلَهُ نِعْمَةً مِنْهُ نَسِيَ مَا كَانَ يَدْعُو إِلَيْهِ مِنْ قَبْلُ وَجَعَلَ لِلَّهِ أَنْدَادًا

“Wanneer een mens wordt benadeeld, roept hij zijn Heer aan, zich tot Hem wendend. Dan, wanneer Hij hem een gunst bewijst van Zichzelf, vergeet de mens waarvoor hij eerst (God) aanriep en stelt medegoden naast Allah” (Al-Zomar:8)


Het is om deze “Fitrahopwekken en te waarschuwen dat Allah, in Zijn genade en wijsheid, Boodschappers heeft gezonden om mensen van hun ware geloof te laten herinneren, en ze te richten op nakomen van hun opdracht in het dienen van hun Heer. Allah heeft zijn profeet bevolen om te verkondigen, Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt: 


قُلْ يَا أَيُّهَا النَّاسُ إِنْ كُنْتُمْ فِي شَكٍّ مِنْ دِينِي فَلا أَعْبُدُ الَّذِينَ تَعْبُدُونَ مِنْ دُونِ اللَّهِ وَلَكِنْ أَعْبُدُ اللَّهَ الَّذِي يَتَوَفَّاكُمْ

“Zeg: “O mensen, als jullie twijfelen aan mijn godsdienst: ik aanbid niet wat jullie naast Allah aanbidden, maar ik aanbid Allah die jullie wegneemt.” (Yunus:104)

De bijzondere vermelding van de dood hier drijft de grimmige realiteit, zelfs de heidenen moeten toegeven dat wanneer zij geconfronteerd worden met de schrijnende, intuïtieve bewijs, dat Allah alleen veroorzaakt de dood. De rationele individu, vervolgens dient voor te bereiden op deze onontkoombaarheid en te reageren op boodschap van zijn Heer. Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt: 

فَأَقِمْ وَجْهَكَ لِلدِّينِ حَنِيفًا فِطْرَةَ اللَّهِ الَّتِي فَطَرَ النَّاسَ عَلَيْهَا لا تَبْدِيلَ لِخَلْقِ اللَّهِ ذَلِكَ الدِّينُ الْقَيِّمُ وَلَكِنَّ أَكْثَرَ النَّاسِ لا يَعْلَمُونَ

 

“Daarom, richt uw aangezicht oprecht tot de (ware) godsdienst, overeenkomstig de natuur naar welke Allah de mensen heeft geschapen. – De schepping van Allah kent geen verandering. – Dat is het ware geloof. Maar de meeste mensen weten het niet. -“ (Al-Rum:30)


Er zijn anderen die zich hardnekkig verzetten tegen deze waarheid en weigeren de boodschap van Allah wanneer het vóór hen wordt gepresenteerd, al zijn ze goed bewust van de geloofwaardigheid ervan. Dit was de houding van de farao en zijn aanhangers. De consequenties daarvan zijn ernstig, in deze wereld en in het Hiernamaals, Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt: 

وَجَحَدُوا بِهَا وَاسْتَيْقَنَتْهَا أَنْفُسُهُمْ ظُلْمًا وَعُلُوًّا فَانْظُرْ كَيْفَ كَانَ عَاقِبَةُ الْمُفْسِدِينَ

“En zij verwierpen deze onrechtvaardig en aanmatigend terwijl hun zielen er van overtuigd waren. Ziet, hoe kwaad het einde was van de onruststokers.” (Al-Naml:14)

Toch kan zelfs geharde ontkenners, die in de weg ​​van de waarheid staan en zijn bestand tegen, kunnen rechte pad vinden op het laatste moment, voordat het te laat is, want de Fitrahopduiken, en zo kan zelfs een ongelovige die met de dood wordt geconfronteerd op het slagveld kan plotseling de islam omarmen.

 Het Geloof

Het feit dat alle profeten zijn gekomen met regels en wetten die de schepping ten bate komen duidt op bestaan van een Alwetende, Allerwijze en Genadevolle Heer. En in het bijzonder de Koran en zijn wetten. Allah daagt zijn schepselen uit om te komen met het gelijke ervan. Alle boodschappers en profeten die naar verschillende volkeren zijn gestuurd, in verschillende tijden leefden en verschillende talen spraken hebben allen gesproken over één en hetzelfde, namelijk het bestaan van Allah, het aanbidden van Hem alleen, de Hel, het Paradijs enz.


Tot slot moeten we rekening mee houden dat hoe overvloedig de bewijzen ook zijn, ze hebben uitsluitend baat aan degenen die eerlijk en oprecht zoeken naar de waarheid. Wat betreft degenen die gewoon weigeren te geloven, zij zullen niet ophouden hun inactief dispuut. Zoals Allah (Geprezen en Verheven zij Hij) zegt:

 وَقَالُوا قُلُوبُنَا فِي أَكِنَّةٍ مِمَّا تَدْعُونَا إِلَيْهِ وَفِي آذَانِنَا وَقْرٌ وَمِنْ بَيْنِنَا وَبَيْنِكَ حِجَابٌ فَاعْمَلْ إِنَّنَا عَامِلُونَ

“Zij zeggen: “Onze harten zijn gesluierd voor datgene waartoe u ons roept en er is doofheid in onze oren en tussen u en ons is een scherm. Daarom ga door met uw werk, wij werken ook.”” (Fussilat:5)


إِنَّ الَّذِينَ حَقَّتْ عَلَيْهِمْ كَلِمَةُ رَبِّكَ لا يُؤْمِنُونَ * وَلَوْ جَاءَتْهُمْ كُلُّ آيَةٍ حَتَّى يَرَوُا الْعَذَابَ الألِيمَ  

“Voorwaar, degenen over wie het Woord (van bestraffing) van jouw Heer terecht is: zij geloven niet. * Ook al kwamen alle Tekenen tot hen, totdat zij de pijnlijke bestraffing zien.” (Yunus:96-97)


Gebaseerd op artikel van IslamWeb